Plechtige Communie

Uit Digitaal Katholiek Erfgoedhuis

Ga naar: navigatie, zoeken

Bij de Plechtige Communie belooft iemand zelf een volwaardig lid te zijn van de katholieke kerk: een herhaling van de belofte die de peter en de meter van de plechtige communicant al voor hem of haar hebben gedaan bij het doopsel. Daarom werd dit ritueel, net als het vormsel overigens, ook wel de hernieuwing van de doopbeloften genoemd.

De plechtige communie werd ingevoerd nadat paus Pius X in 1910 de communieleeftijd vervroegde van twaalf naar zeven jaar. Op de leeftijd van twaalf jaar was er nu geen belangrijk kerkelijk ritueel meer. Het vormsel werd namelijk tot 1971 alleen door een bisschop toegediend, wat meestal maar eens in de vier of vijf jaar plaatsvonden in een parochie. Twaalf jaar was een belangrijke leeftijd, omdat veel jongens en meisjes in de eerste helft van de twintigste eeuw rond hun twaalfde klaar waren met school en gingen werken. Vanaf de jaren zeventig neem het vormsel de plaats van de plechtige communie in. Andere geestelijken mogen dan ook het vormsel toedienen en het ritueel kan vanaf dat moment jaarlijks plaatsvinden.

Persoonlijke instellingen