Gods rechtvaardigheid

Uit Digitaal Katholiek Erfgoedhuis

Ga naar: navigatie, zoeken

Luther betoogde dat niets of niemand tussen God en mens in staat – geen kerk, geen priesters, geen sacramenten. Hij werkte dit uit in de zogeheten drie sola’s (sola is Latijn voor alleen). Sola scriptura: alleen de bijbel (ook wel heilige schrift genoemd) vertelt wat Gods bedoeling met de wereld is, en niet theologen of de kerkvaders in de katholieke traditie juist heel belangrijk zijn. Sola gratia: alleen de genade . De genade is de bovennatuurlijke hulp van God, die mensen helpt als een goed christen te leven. Door als een goed christen te leven kan iemand het heil, het eeuwige leven bij God, bereiken. Katholieken geloofden dat men deze genade kon verdienen door goede werken en naastenliefde. Luther vond, dat hoewel je als christen verplicht bent goede werken te doen, de genade niet verdiend kon worden. God geeft genade, los van wat mensen ervoor doen. Sola fide: alleen het geloof, slechts door in God te geloven kan men de genade ontvangen. Katholieken geloofden dat alleen via sacramenten, belangrijke rituelen als bijvoorbeeld het doopsel en het vormsel, je Gods genade kon ontvangen. Priesters bepaalden of iemand wel of geen sacramenten mocht ontvangen. Zij hadden hiermee veel macht over de gelovigen. Luther kwam tegen deze macht in opstand.

Persoonlijke instellingen